wetzoeker

Artikel 3.98b Vreemdelingenbesluit 2000

Inburgering in het buitenland

1 Tot het basisexamen inburgering wordt niet toegelaten de vreemdeling die:

a. niet overeenkomstig door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te stellen regels de aan het basisexamen verbonden kosten heeft voldaan dan wel via een ander heeft zorg gedragen voor het voldoen van die kosten, of

b. geen medewerking heeft verleend aan het vastleggen van gegevens met het oog op zijn identificatie.

2 Bij ministeriële regeling worden de kosten bepaald, bedoeld in het eerste lid, onder a.

3 De medewerking, bedoeld in het eerste lid, onder b, bestaat uit het overleggen van een pasfoto, het digitaal laten afnemen van vingerafdrukken en het laten maken van een scan of kopie van het paspoort of, indien de vreemdeling door de autoriteiten van het land waarvan hij onderdaan is, niet in het bezit kan worden gesteld van een paspoort, een ander identiteitsbewijs.

4 Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid stelt een examenreglement vast. Het examenreglement bevat in elk geval bepalingen omtrent:

a. de gang van zaken tijdens het basisexamen inburgering;

b. de maatregelen om onregelmatigheden en ordeverstoring tijdens het basisexamen inburgering te voorkomen, en

c. de maatregelen die in geval van onregelmatigheden of ordeverstoring kunnen worden getroffen.

Regeling
Vreemdelingenbesluit 2000
Afkortingen
VB, Vb 2000
Soort
AMvB
Geldend vanaf
12-06-2026
BWB-id
BWBR0011825
Versie
2026-06-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl