wetzoeker

Artikel 3.5 Vreemdelingenbesluit 2000

Verblijfsrecht van tijdelijke aard

1 Het verblijfsrecht op grond van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd is tijdelijk of niet-tijdelijk.

2 Tijdelijk is het verblijfsrecht op grond van de verblijfsvergunning, verleend onder een beperking verband houdend met:

a. verblijf als familie- of gezinslid, indien de hoofdpersoon:

1°. tijdelijk verblijfsrecht heeft, of

2°. houder van een verblijfsvergunning asiel is;

b. seizoenarbeid;

c. overplaatsing binnen een onderneming;

d. grensoverschrijdende dienstverlening;

e. lerend werken;

f. studie;

g. het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst;

h. uitwisseling, al dan niet in het kader van een verdrag;

i. medische behandeling;

j. tijdelijke humanitaire gronden;

k. het afwachten van een verzoek op grond van artikel 17 van de Rijkswet op het Nederlanderschap.

3 Bij ministeriële regeling kunnen ter uitvoering van verplichtingen die voortvloeien uit verdragen of uit verbindende besluiten van volkenrechtelijke organisaties, gevallen worden aangewezen waarin het verblijfsrecht, in afwijking van het tweede lid, niet-tijdelijk van aard is.

4 Indien de verblijfsvergunning is verleend onder een andere beperking dan genoemd in het tweede lid, is het verblijfsrecht niet-tijdelijk, tenzij bij de verlening van de verblijfsvergunning anders is bepaald.

Regeling
Vreemdelingenbesluit 2000
Afkortingen
VB, Vb 2000
Soort
AMvB
Geldend vanaf
12-06-2026
BWB-id
BWBR0011825
Versie
2026-06-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl