wetzoeker

Artikel 4.9 Regeling studiefinanciering 2000

Reisvoorziening

1 Een student die een opleiding in Nederland volgt en gedurende die opleiding een onderdeel daarvan buiten Nederland gaat volgen, kan over de periode in het buitenland op aanvraag in plaats van een reisrecht in aanmerking komen voor een voorziening in geld.

2 De student komt in aanmerking voor een voorziening in geld, als bedoeld in het eerste lid, indien:

a. het onderdeel dat buiten Nederland wordt gevolgd, meetelt voor het Nederlandse diploma, en

b. de student ingeschreven blijft aan de Nederlandse onderwijsinstelling.

3 De voorziening in geld, bedoeld in het eerste lid, is gelijk aan het bedrag, bedoeld in artikel 5.3, eerste lid, van de wet.

4 Toekenning van de reisvoorziening in geld vindt plaats per kalendermaand voor de periode waarin de student voor de betreffende opleiding in het buitenland studeert. Na deze periode wordt dezelfde soort reisrecht toegekend zonder dat dat opnieuw behoeft te worden aangevraagd. Indien de student eerder dan aangegeven terugkeert in Nederland, kan opnieuw een reisrecht worden aangevraagd. Na toekenning daarvan kan het reisproduct na vijf werkdagen aan een drager worden gekoppeld op een in artikel 4,2 bedoelde wijze.

5 Dit artikel berust op artikel 3.24, vijfde lid, van de wet.

Regeling
Regeling studiefinanciering 2000
Afkortingen
RSF 2000
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0011595
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl