wetzoeker

Artikel 3 Regeling vordering contante waarde periodieke verstrekkingen WAO en Wet WIA

De contante waarde wordt berekend op basis van de formule:

òf, indien de factor L gelijk is aan de factor r:

A = 1,02 * (UV * (1-c) * m + (UL - UV) * (1 - cL) * mL)

waarbij:

A = de contante waarde;

m = het aantal maanden waarover de uitkering maximaal zal kunnen worden verstrekt;

mL = het aantal maanden waarover de loondervingsuitkering maximaal zal kunnen worden verstrekt;

c = een correctie op de periode waarover de uitkering wordt verstrekt, op grond van de kans op overlijden en op grond van zogenoemde individuele omstandigheden;

cL = een correctie op de periode waarover de loondervingsuitkering wordt verstrekt, op grond van de kans op overlijden en op grond van zogenoemde individuele omstandigheden;

UV = het bedrag van de vervolguitkering per maand en de daarover aan de verzekerde toekomende vakantie-uitkering met dien verstand dat bij de bepaling van de contante waarde van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in hoofdstuk 6 van de WAO, deze factor op 0 wordt gesteld;

UL = het bedrag van de loondervingsuitkering per maand en de daarover aan de verzekerde toekomende vakantie-uitkering;

L = het gemiddeld stijgingspercentage van het dagloon, bedoeld in artikel 14 van de WAO of artikel 13 van de Wet WIA, over een periode van een maand;

r = het interestpercentage per maand.

Regeling
Regeling vordering contante waarde periodieke verstrekkingen WAO en Wet WIA
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
27-10-2017
BWB-id
BWBR0011500
Versie
2017-10-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl