wetzoeker

Artikel 5.29 Wet inkomstenbelasting 2001

Tegenbewijsregeling

1 Een storting is een positieve waardemutatie van het saldo van bezittingen en schulden die het directe gevolg is van:

a. het tot de bezittingen gaan behoren van een vermogensbestanddeel; of

b. het niet langer tot de schulden behoren van een schuld.

2 Als storting wordt mede aangemerkt een positieve waardemutatie die het directe gevolg is van een uitbreiding of verbetering van een bezitting voor zover die waardemutatie niet reeds een storting is op grond van het eerste lid.

3 In afwijking van het eerste en tweede lid is een positieve waardemutatie die voortvloeit uit een uitbreiding of verbetering van een woning geen storting.

4 In afwijking van het eerste lid is een positieve waardemutatie die voortvloeit uit onderhoud van een bezitting geen storting.

5 Stortingen worden in aanmerking genomen tegen de waarde ten tijde van de storting.

Regeling
Wet inkomstenbelasting 2001
Afkortingen
IB, Wet IB 2001
Soort
Wet
Geldend vanaf
21-02-2026
BWB-id
BWBR0011353
Versie
2026-02-21_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl