wetzoeker

Artikel 3.78 Wet inkomstenbelasting 2001

Ondernemersaftrek

1 De meewerkaftrek geldt voor de ondernemer die aan het urencriterium voldoet en van wie de partner zonder enige vergoeding arbeid verricht in een onderneming waaruit de belastingplichtige als ondernemer winst geniet.

2 Bij arbeid van de partner die gedurende het kalenderjaar een aantal uren in beslag neemt

gelijk aan of meer dan | maar minder dan | bedraagt de meewerkaftrek

525 | 875 | 1,25% van de winst

875 | 1 225 | 2% van de winst

1225 | 1 750 | 3% van de winst

1 750 | – | 4% van de winst

3 Voor de toepassing van dit artikel wordt onder winst verstaan het gezamenlijke bedrag van de winst die de belastingplichtige als ondernemer geniet uit ondernemingen waarin de partner zonder enige vergoeding arbeid verricht, verminderd met:

a. winst genoten ter vervanging van door een onteigening gederfde of te derven voordelen uit onderneming;

b. winst behaald met of bij het staken van een onderneming of een gedeelte van een onderneming, daaronder mede verstaan staking door overlijden als bedoeld in artikel 3.58 en

c. winst als gevolg van de overbrenging van vermogensbestanddelen naar het buitenland of als gevolg van eindafrekening bedoeld in artikel 3.60 respectievelijk 3.61.

Regeling
Wet inkomstenbelasting 2001
Afkortingen
IB, Wet IB 2001
Soort
Wet
Geldend vanaf
21-02-2026
BWB-id
BWBR0011353
Versie
2026-02-21_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl