wetzoeker

Besluit plaatsen bestuurlijke ophouding

Besluit van 28 april 2000, houdende regels omtrent de geschiktheid van plaatsen waar groepen van personen bestuurlijk worden opgehouden (Besluit plaatsen bestuurlijke ophouding)

Soort
AMvB
Geldend vanaf
10-10-2010
Rechtsgebied
Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
BWB-id
BWBR0011332
Versie
2010-10-10_0
SHA-256 bron
556c7f6ec971f2486280fcdd5fe79128d81e1e8d8012082457df06880ffa0bc4

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (9)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 1a
  3. Artikel 2
  4. Artikel 3
  5. Artikel 4
  6. Artikel 5
  7. Artikel 6
  8. Artikel 7
  9. Artikel 8

Paragraaf 1 — Begripsbepaling

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. opgehoudenen: personen die op basis van artikel 154a, eerste lid, dan wel artikel 176a, derde lid, van de Gemeentewet dan wel artikel 158, achtste lid, dan wel artikel 180, derde lid, van de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba tijdelijk worden opgehouden;

b. plaats van ophouding: door de burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber aangewezen plaats waar opgehoudenen tijdelijk worden opgevangen.

Paragraaf 1 — Begripsbepaling

Artikel 1a

Dit besluit berust mede op de artikelen158, achtste lid, en 180, derde lid, van de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Paragraaf 2 — Eisen aan de plaats van ophouding

Artikel 2

De burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber draagt er zorg voor dat voldoende maatregelen zijn genomen om de veiligheid van de opgehoudenen en andere op de plaats van ophouding aanwezigen, te waarborgen.

Paragraaf 2 — Eisen aan de plaats van ophouding

Artikel 3

De burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber draagt er zorg voor dat de opgehoudenen kunnen beschikken over een redelijke bewegingsruimte.

Paragraaf 2 — Eisen aan de plaats van ophouding

Artikel 4

1 De burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber treft voorzieningen opdat de opgehoudenen, indien redelijkerwijs nodig en mogelijk, beschikken over:

a. de gelegenheid tot het gebruik van een toilet,

b. de gelegenheid tot het hebben van telefonische contacten,

c. de noodzakelijke medische zorg, en

d. informatie over de gang van zaken tijdens de ophouding.

2 De burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber laat aan de opgehoudenen zo nodig eten en drinken verstrekken.

3 Indien er sprake is van ophouding in de periode tussen één en zes uur voormiddags, treft de burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber voorzieningen opdat de opgehoudenen in ieder geval beschikken over slaapgelegenheid, tenzij de opgehoudenen op de plaats van ophouding, niet zijnde het middel van vervoer, aankomen na vier uur voormiddags.

Paragraaf 2 — Eisen aan de plaats van ophouding

Artikel 5

1 Op de plaats van ophouding worden zo mogelijk voorzieningen getroffen voor het mogelijk maken van het vastleggen van de gegevens van de opgehouden personen.

2 Van de opgehouden personen die hun gegevens willen laten vastleggen worden uitsluitend vastgelegd de naam, het adres, de woonplaats en de geboortedatum.

Paragraaf 2 — Eisen aan de plaats van ophouding

Artikel 6

1 De burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber treft op de plaats van ophouding voorzieningen opdat de opgehoudenen in de gelegenheid zijn beroep in te stellen als bedoeld in artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht onderscheidenlijk artikel 7 van de Wet administratieve rechtspraak BES, en een voorlopige voorziening te vragen, als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht onderscheidenlijk artikel 85 van de Wet administratieve rechtspraak BES.

2 Deze voorzieningen bestaan in elk geval uit het beschikbaar stellen van schrijfgerei en papier.

3 De burgemeester onderscheidenlijk de gezaghebber draagt er zorg voor dat een op de voorgeschreven wijze aangereikt beroepschrift of een schriftelijk verzoek om een voorlopige voorziening, onverwijld in handen wordt gesteld van de voorzieningenrechter van de bevoegde rechtbank onderscheidenlijk van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Paragraaf 3 — Slotbepalingen

Artikel 7

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Paragraaf 3 — Slotbepalingen

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit plaatsen bestuurlijke ophouding.