wetzoeker

Ouderschapsverlof wordt zonder behoud van bezoldiging verleend Ouderschapsverlof in het primair onderwijs

Indien gedeeltelijk ouderschapsverlof zich ook uitstrekt over vakanties, wordt de bezoldiging voor het gedeelte dat wordt gewerkt over die periode op dezelfde wijze berekend als de bezoldiging buiten de vakanties zoals dat ook gebeurt bij andere vormen van buitengewoon verlof op grond van het Rpbo.

Om de verlofwerktijdfactor te kunnen berekenen gedurende de periode waarin een personeelslid ouderschapsverlof opneemt, wordt eerst de verhouding bepaald tussen het aantal uren ouderschapsverlof dat wordt opgenomen in die periode en het aantal uren dat in die periode gewerkt had moeten worden. Het betreft het aantal uur dat feitelijk gewerkt had moeten worden. Daarbij moet rekening worden gehouden met vakanties, feestdagen en ingepland adv-verlof (zie voor het sparen van adv-verlof hieronder). Door de aldus verkregen factor, de verloffactor, te vermenigvuldigen met de werktijdfactor kan de verlofwerktijdfactor worden berekend (zie de vragenrubriek informatiecentrum PO, Uitleg OCenW-Regelingen nummer 30a van 1998).

Regeling
Ouderschapsverlof in het primair onderwijs
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
19-04-2000
BWB-id
BWBR0011265
Versie
2000-04-19_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl