wetzoeker

Besluit extramurale vrijheidsbeneming en sociale zekerheid

Besluit van 28 januari 2000 tot openstelling van het recht op een socialezekerheidsuitkering voor personen die deelnemen aan een penitentiair programma en personen die ter beschikking zijn gesteld en proefverlof genieten (Besluit extramurale vrijheidsbeneming en sociale zekerheid)

Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2016
Rechtsgebied
Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht, Penitentiair recht, Sociaal zekerheidsrecht, Strafrecht
Ministerie
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
BWB-id
BWBR0011136
Versie
2016-01-01_0
SHA-256 bron
22a2c044c6f028a58acbe154a3a07ad9c5a289c40da22db6ddf555db838f1dae

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (4)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 1a
  3. Artikel 2
  4. Artikel 3

Artikel 1

Als categorieën van personen, bedoeld in de artikelen 19b, vierde lid, van de Ziektewet, 19a, vijfde lid, en 47b, vierde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, 44, eerste lid, onderdeel b, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, 7b, vijfde lid, en 21b, vierde lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, 2:12, tweede lid, 3:5, vijfde lid, en 3:23, vierde lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, 19, tiende lid, van de Werkloosheidswet, 32c, derde lid, van de Algemene nabestaandenwet, 13, derde lid, van de Participatiewet, 6, vierde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, 6, zesde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, 6, vierde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, 8b, vijfde lid, van de Algemene Ouderdomswet, 2.17, derde lid, van de Wet studiefinanciering 2000 en 2.22a, derde lid, van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten worden aangewezen degenen, die:

a. deelnemen aan een penitentiair programma als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Penitentiaire beginselenwet;

b. proefverlof genieten als bedoeld in artikel 51, eerste lid, van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;

c. deelnemen aan een scholings- en trainingsprogramma als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen;

d. proefverlof genieten als bedoeld in artikel 31, eerste lid, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen;

e. deelnemen aan het extramurale gedeelte van een programma in het kader van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders, bedoeld in artikel 38m, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht;

f. in verband met noodzakelijke sociale verzorging en hulpverlening op grond van artikel 43, derde lid, van de Penitentiaire beginselenwet zijn overgebracht naar een daartoe bestemde plaats.

Artikel 1a

Dit besluit berust mede op de artikelen 13, derde lid, van de Participatiewet, artikel 6, vierde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, 8b, vijfde lid, van de Algemene Ouderdomswet, 2.17, derde lid, van de Wet studiefinanciering 2000, 1a:7, tweede lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, 19, tiende lid, van de Werkloosheidswet en 2.22a, derde lid, van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit extramurale vrijheidsbeneming en sociale zekerheid.