wetzoeker

Artikel 5 Wet opheffing Bedrijfschap Detailhandel in Aardappelen, Groenten en Fruit

1 De opheffing van het bedrijfschap tast de rechtskracht van de door dat lichaam wettig opgelegde heffingsaanslagen niet aan.

2 Bij de inning van nog niet betaalde heffingsaanslagen van het bedrijfschap oefent de voorzitter van het hoofdbedrijfschap zo nodig de in artikel 127 van de Wet op de bedrijfsorganisatie aan de voorzitter van het bedrijfschap toegekende bevoegdheden uit.

3 Het hoofdbedrijfschap kan, voor zover dit voor de voldoening van de schulden van het bedrijfschap noodzakelijk is, bij verordening aan de ondernemers in het betrokken deel van het bedrijfsleven een heffing opleggen volgens de bij de laatstelijk opgelegde algemene heffing van het bedrijfschap gehanteerde maatstaven.

4 Ten aanzien van een heffingsverordening als in het vorige lid bedoeld en de krachtens die verordening opgelegde aanslagen zijn de artikelen 126 en 127 van de Wet op de bedrijfsorganisatie van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Wet opheffing Bedrijfschap Detailhandel in Aardappelen, Groenten en Fruit
Soort
Wet
Geldend vanaf
16-04-1999
BWB-id
BWBR0010295
Versie
1999-04-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl