wetzoeker

Artikel 19 Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting

Kortdurend en langdurend re-integratieverlof

1 Kortdurend re-integratieverlof duurt niet langer dan noodzakelijk voor het realiseren van het doel waarvoor dit verlof wordt verleend en begint en eindigt op dezelfde dag.

2 In geval van een straf tot en met zes jaar kan kortdurend re-integratieverlof op zijn vroegst worden verleend indien:

1° een periode van minimaal zes weken van de gevangenisstraf is ondergaan dan wel, ingeval de veroordeling nog niet onherroepelijk is, de duur van de in voorlopige hechtenis doorgebrachte tijd ten minste gelijk is aan zes weken, en

2° er sprake is van een periode van maximaal achttien maanden voorafgaande aan het moment waarop de voorwaardelijke invrijheidstelling of de invrijheidstelling aanvangt.

3 In geval van een straf van langer dan zes jaar kan kortdurend re-integratieverlof op zijn vroegst worden verleend gedurende een periode van maximaal zes maanden voorafgaande aan het moment waarop een gedetineerde in aanmerking komt voor langdurend re-integratieverlof.

4 In afwijking van het bepaalde in het tweede en het derde lid als ook in artikel 16 kan een gedetineerde in geval van zwaarwegende redenen die zien op zijn re-integratie, in aanmerking komen voor kortdurend re-integratieverlof.

Regeling
Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting
Afkortingen
Rtvi
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-11-2025
BWB-id
BWBR0010171
Versie
2025-11-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl