wetzoeker

Artikel 5 Wet schuldredenominatie

1 De nominale waarde van effecten die tot het verzameldepot of girodepot in de zin van de Wet giraal effectenverkeer behoren, luidt bij wijziging van de muntaanduiding van rechtswege in de overeenkomende waarde in de euro-eenheid. Als basis voor de vaststelling van deze waarde geldt steeds de kleinste voorkomende coupuregrootte, waarbij die coupuregrootte naar beneden wordt afgerond op het meest nabijgelegen gehele euro-bedrag.

2 Indien na wijziging van de muntaanduiding de totale nominale waarde van de in het eerste lid bedoelde effectenvoorraad afwijkt van de tegenwaarde, uitgedrukt in euro's, van die effectenvoorraad voor de wijziging van de muntaanduiding, is de uitgevende instelling verplicht aan het centraal instituut als bedoeld in artikel 1 van de Wet giraal effectenverkeer een verzamelschuldbewijs ter grootte van het verschil tussen de totale nominale waarde na de wijziging en de tegenwaarde uitgedrukt in de euro-eenheid voor de wijziging ter beschikking te stellen.

3 Van het verschil tussen het in de euro-eenheid omgerekende bedrag en het overeenkomstig het eerste lid vastgestelde en op een gehele euro afgeronde bedrag kan, in afwijking van het bepaalde in de artikelen 26 en 45 van de Wet giraal effectenverkeer, geen uitlevering worden gevraagd. Dit bedrag is aan de houder van de schuldtitel verschuldigd.

Regeling
Wet schuldredenominatie
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-1999
BWB-id
BWBR0010040
Versie
1999-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl