wetzoeker

Artikel 4 Tunnelwet Westerschelde

Wegenrechtelijke bepalingen

1 Met ingang van de datum, bedoeld in artikel 3, eerste lid, doet de exploitant aan een ieder die met een motorrijtuig, onderscheidenlijk een voertuig dat door een motorrijtuig wordt voortbewogen, gebruik wil maken van een weg door de tunnel, een aanbod tot het sluiten van een overeenkomst, houdende het gebruik van de weg door de tunnel.

2 In afwijking van artikel 14 van de Wegenwet is de exploitant bevoegd:

a. het gebruik van de wegen door de tunnel te ontzeggen aan degene die met hem geen overeenkomst sluit over het gebruik;

b. voorzieningen op de aansluitende wegen aan te brengen die tot doel hebben voor degene die de overeenkomst niet sluit, of niet nakomt, de verdere doorgang onmogelijk te maken.

3 De exploitant benadeelt niet-reguliere gebruikers van de tunnel niet op ongerechtvaardigde wijze bij de toepassing van het eerste en tweede lid.

Regeling
Tunnelwet Westerschelde
Soort
Wet
Geldend vanaf
25-03-2024
BWB-id
BWBR0009930
Versie
2024-03-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl