wetzoeker

Artikel 3 Instellingsregeling begeleidingscommissie DIMS

1 De begeleidingscommissie bestaat uit een voorzitter en ten hoogste acht andere leden.

2 De voorzitter en de andere leden worden door de Staatssecretaris benoemd.

3 De Staatssecretaris kan voor elk lid van de begeleidingscommissie, behoudens de voorzitter, een plaatsvervangend lid benoemen.

4 Bij vertrek van een lid of plaatsvervangend lid kan de Staatssecretaris een ander lid, dan wel een ander plaatsvervangend lid, benoemen.

5 De voorzitter en overige leden en plaatsvervangend leden kunnen worden geschorst en ontslagen door de Staatssecretaris door middel van een gemotiveerd besluit.

6 De Staatssecretaris verleent leden of plaatsvervangende leden van de begeleidingscommissie in ieder geval ontslag, indien een lid of plaatsvervangend lid daarom verzoekt.

Regeling
Instellingsregeling begeleidingscommissie DIMS
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-10-2020
BWB-id
BWBR0009924
Versie
2020-10-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl