wetzoeker

Artikel 27 Kostuum- en titulatuurbesluit rechterlijke organisatie

Het kostuum van de advocaten

1 De advocaten, in hun hoedanigheid binnen een gebouw, dat als gerechtsgebouw dienst doet, optredende ter terechtzitting van een in artikel 1 genoemd college of ter gelegenheid van een ambtsverrichting bij de vervulling waarvan het college of de hiervan lid zijnde rechterlijke ambtenaar het kostuum draagt, zomede tijdens hun beëdiging zijn gekleed in toga met bef.

2 De advocaten mogen de toga met bef eveneens dragen, wanneer zij in hun hoedanigheid binnen een gebouw, dat als gerechtsgebouw dienst doet, optreden ter terechtzitting van een kantonrechter of ter gelegenheid van een ambtsverrichting, bij de vervulling waarvan de kantonrechter het kostuum draagt.

3 Het bepaalde in het tweede lid is van overeenkomstige toepassing, indien een advocaat in zijn hoedanigheid optreedt voor een niet in artikel 1 genoemd rechtscollege, waarvan de leden of een lid ter terechtzitting een ambtskostuum dragen of draagt.

4 Indien het bestuur van een gerecht of de president van de Hoge Raad ter gelegenheid van een terechtzitting of plechtigheid als bedoeld in artikel 20 het dragen van ridderorden en eretekenen heeft voorgeschreven, geldt zijn voorschrift ook voor de advocaten, die de zitting of plechtigheid bijwonen.

Regeling
Kostuum- en titulatuurbesluit rechterlijke organisatie
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2015
BWB-id
BWBR0009255
Versie
2015-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl