wetzoeker

Wet tot aanvulling van de Wet milieubeheer (gevolgen gesloten stortplaatsen voor het milieu)

Wet van 6 november 1997 tot aanvulling van de Wet milieubeheer met een regeling ter waarborging dat gesloten stortplaatsen geen of zo min mogelijk nadelige gevolgen voor het milieu hebben, alsmede wijziging van de Wet bodembescherming

Soort
Wet
Geldend vanaf
01-04-1998
Rechtsgebied
Milieurecht, Ruimtelijke ordening en milieu
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0008997
Versie
1998-04-01_0
SHA-256 bron
c8242c401ffae6ec09c5a6c04b0cc597b863b9a2c0739c811917b0db4adb111d

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (5)
  1. ARTIKEL I
  2. ARTIKEL II
  3. ARTIKEL III
  4. ARTIKEL IV
  5. ARTIKEL V

ARTIKEL I

Wijzigt de Wet milieubeheer.

ARTIKEL II

1 De in artikel 15.44 van de Wet milieubeheer bedoelde heffing wordt ingesteld binnen een jaar na de datum van inwerkingtreding van deze wet.

2 Het in artikel 8.49, derde lid, bedoelde nazorgplan wordt ter instemming bij gedeputeerde staten ingediend binnen 13 weken na de inwerkingtreding van deze wet.

ARTIKEL III

Wijzigt de Wet bodembescherming.

ARTIKEL IV

1 Indien door of namens degene die een stortplaats drijft waarop titel 15.11 van de Wet milieubeheer van toepassing is, vóór de inwerkingtreding van deze wet een overeenkomst is gesloten, strekkende tot het door een derde tegen betaling doen treffen van maatregelen overeenkomstig artikel 8.49, vervalt deze overeenkomst van rechtswege, voor zover de overeenkomst op die maatregelen betrekking heeft.

2 Deze derde is verplicht de reeds ontvangen betalingen alsmede de daarover verkregen rentebaten en beleggingsopbrengsten onder aftrek van de door hem gemaakte kosten af te dragen aan het in artikel 15.47 van de Wet milieubeheer bedoelde fonds.

3 Op het bedrag van de met betrekking tot de desbetreffende stortplaats op te leggen heffing, bedoeld in artikel 15.44, eerste lid, van de Wet milieubeheer, wordt het in het tweede lid bedoelde eindbedrag in mindering gebracht.

ARTIKEL V

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.