wetzoeker

Artikel 10 Subsidieregeling stiller, schoner en zuiniger

Aanvraag en subsidieverlening

De programmabeheerder beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag:

a. indien uitvoering van het project zich niet verdraagt met andere doelstellingen van overheidsbeleid, het veiligheidsbeleid daaronder begrepen;

b. voor zover door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond, bedoeld in artikel 2 wordt overschreden;

c. indien gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de aanvrager niet zal voldoen aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;

d. indien gegronde reden bestaat om aan te nemen dat activiteiten niet of niet geheel zullen plaats vinden.

e. indien de aanvrager failliet is verklaard of aan hem surséance van betaling is verleend, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;

f. indien de aanvrager in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegeven heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste

beslissing op de aanvraag zou hebben geleid;

g. indien de aanvrager niet aannemelijk heeft gemaakt dat hem met inbegrip van de subsidie voldoende financiële middelen ter beschikking staan om het project uit te voeren.

Regeling
Subsidieregeling stiller, schoner en zuiniger
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2002
BWB-id
BWBR0008783
Versie
2002-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl