wetzoeker

Intoxicatie Besluit vaststelling van de dood bij postmortale orgaandonatie

Kennisneming van de voorgeschiedenis, ook via derden (hetero-anamnese), en van de omstandigheden waarin de betrokkene is aangetroffen, kunnen gegevens opleveren over het al dan niet bestaan van een relevante intoxicatie, bijvoorbeeld door alcohol, drugs, of bepaalde geneesmiddelen. Deze intoxicaties kunnen enerzijds het stellen van de diagnose hersendood bemoeilijken en anderzijds de organen of weefsels ongeschikt maken voor transplantatie. Ook bij ongevalspatiënten kan dit de diagnose «hersendood» belemmeren, hetzij omdat de betrokkene bepaalde medicijnen of andere stoffen zelf innam, hetzij omdat medicijnen werden toegediend. Bij aanwijzingen voor een intoxicatie – te onderscheiden van therapeutische medicamenteuze neurodepressie: zie hiervoor – moet men de betrokken (gif)stoffen opsporen in bloed of urine. Wanneer de intoxicatie niet op deze wijze kan worden gedetermineerd en de nadelige klinische effecten op de functie van hersenen of andere organen of weefsels derhalve niet kunnen worden opgeheven, is vaststelling van de hersendood ten behoeve van orgaan- en weefseldonatie niet mogelijk.

Regeling
Besluit vaststelling van de dood bij postmortale orgaandonatie
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0008776
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl