wetzoeker

Aanpassing voorschriften ingevolge het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel (1997)

Soort
Circulaire
Geldend vanaf
26-06-1997
Rechtsgebied
Ambtenarenrecht, Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Ministerie
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
BWB-id
BWBR0008742
Versie
1997-06-26_0
SHA-256 bron
cb0f8f3dada514afa9571a29d4f1634db562bf8d764a255299cb59c6ca1a9aa3

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (17)
  1. I — Inleiding/managementinformatie
  2. II — Aanpassing verrekeningsbedragen inwoning per 1 juli 1997
  3. III — Maximumverrekeningsbedragen verwarming, elektriciteit e.d.
  4. Bijlage
  5. Artikel 1
  6. Artikel 2
  7. Artikel 3
  8. Artikel 4
  9. Artikel 5
  10. Artikel 6
  11. Artikel 7
  12. Artikel 8
  13. Artikel 9
  14. Artikel 10
  15. Artikel 11
  16. Artikel 12
  17. Artikel 13

I — Inleiding/managementinformatie

I — Inleiding/managementinformatie

In deze circulaire worden de verrekeningsbedragen betreffende inwoning, verwarming, energie en water bekendgemaakt, zoals deze per 1 juli 1997 gaan gelden. Voor de ambtenaar voor wie reeds inhoudingen op grond van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel via het IPA-salarissysteem plaatsvinden, zullen de onderhavige wijzigingen voor zover van toepassing automatisch worden aangepast.

II — Aanpassing verrekeningsbedragen inwoning per 1 juli 1997

II — Aanpassing verrekeningsbedragen inwoning per 1 juli 1997

In verband met de aanpassing van huren per 1 juli 1997 wordt het maximale verrekeningsbedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van inwoning, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel met 3,6% verhoogd. Hierdoor wordt het betreffende verrekeningsbedrag voor inwoning per 1 juli 1997 vastgesteld op f 367,00 (was f 355,00).

De bedragen van de huurwaarde van dienstwoningen, die mede van belang zijn ter uitvoering van artikel 3, tweede lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, dienen naar van de zijde van de Belastingdienst is vernomen per 1 juli 1997 eveneens met 3,6% te worden verhoogd.

Woningen welke op of na 1 juli 1996 gereed zijn gekomen vallen buiten deze verhoging.

In afwijking van het vorenstaande dient een extra huurverhoging in aanmerking te worden genomen in gevallen waarin de economische huurwaarde van een dienstwoning, behalve door de algemene verhoging van 3,6%, mede door andere factoren is beïnvloed, bijvoorbeeld als gevolg van een door of vanwege de inhoudings-plichtige aangebrachte verbetering aan de dienstwoning.

III — Maximumverrekeningsbedragen verwarming, elektriciteit e.d.

III — Maximumverrekeningsbedragen verwarming, elektriciteit e.d.

De maximumverrekeningsbedragen voor het van rijkswege verstrekte genot van verwarming, elektrische energie e.d. genoemd in artikel 3, eerste lid, onder b tot en met e, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel worden, overeenkomstig de gebruikelijke systematiek, aangepast aan de hand van de prijsontwikkeling in de periode van april 1996 tot april 1997.

Dit leidt ertoe dat bedoelde bedragen per 1 juli 1997 als volgt wijzigen:

Verstrekking | huidig bedrag | nieuw bedrag

Verwarming van de woning | f 87,00 | f 99,00

Energie voor kookdoeleinden | f 35,00 | f 37,00

De bedragen met betrekking tot elektrische energie anders dan voor verwarming van de woning en voor kookdoeleinden alsmede voor leidingwater blijven ongewijzigd (f 31,00 respectievelijk f 27,00).

Met het in afschrift bijgevoegde besluit, zijn de hiervoor genoemde bedragen alsook bedragen die niet per 1 juli 1997 worden aangepast maar voorkomen in mijn besluit van 17 december 1996, AD96/U1085 (Stcrt. 248), opgenomen.

Ik verzoek u met bovengenoemde wijzigingen rekening te houden.

Bijlage

Bijlage

De Minister van Binnenlandse Zaken,

Gelet op het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel;

Besluit:

Bijlage › Artikel 1

Artikel 1

In deze regeling wordt onder Besluit verstaan het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel.

Bijlage › Artikel 2

Artikel 2

Het maximum van het verschuldigde bedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van kost, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit wordt gesteld op f 341,00 per maand.

Bijlage › Artikel 3

Artikel 3

Het maximum van het verschuldigde bedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van inwoning, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit wordt gesteld op f 367,00 per maand.

Bijlage › Artikel 4

Artikel 4

Het verschuldigde bedrag voor kost voor de belanghebbende, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit wordt gesteld op f 249,00 per maand.

Bijlage › Artikel 5

Artikel 5

Het verschuldigde bedrag voor inwoning voor de belanghebbende, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit wordt gesteld op f 241,00 per maand.

Bijlage › Artikel 6

Artikel 6

Bij geoorloofde afwezigheid wordt het bedrag, bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Besluit gesteld op f 8,00 per dag.

Bijlage › Artikel 7

Artikel 7

Het maximum van het verschuldigde bedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van verwarming van de woning, bedoeld in artikel 3, eerste lid, sub b, van het Besluit, wordt gesteld op f 99,00.

Bijlage › Artikel 8

Artikel 8

Het maximum van het verschuldigde bedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van energie voor kookdoeleinden, bedoeld in artikel 3, eerste lid, sub c, van het Besluit wordt gesteld op f 37,00.

Bijlage › Artikel 9

Artikel 9

Het maximum van het verschuldigde bedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van elektrische energie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, sub d, van het Besluit, wordt gesteld op f 31,00.

Bijlage › Artikel 10

Artikel 10

Het maximum van het verschuldigde bedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van leidingwater, bedoeld in artikel 3, eerste lid, sub e, van het Besluit, wordt gesteld op

f 27,00.

Bijlage › Artikel 11

Artikel 11

Het verschuldigde bedrag voor het privé-gebruik van een dienstauto bedoeld in artikel 3a, eerste lid, bedraagt 36 cent per afgelegde kilometer.

Bijlage › Artikel 12

Artikel 12

De regeling van 17 december 1996, nr. AD96/U1080 (Stcrt. 248), wordt ingetrokken.

Bijlage › Artikel 13

Artikel 13

Deze regeling, die zal worden gepubliceerd in de Staatscourant, treedt in werking met ingang van 1 juli 1997.