wetzoeker

Regeling bijdragen URBAN-programma’s

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
13-07-2001
Rechtsgebied
Financieel en economisch recht
Ministerie
Algemene Zaken
BWB-id
BWBR0008461
Versie
2001-07-13_0
SHA-256 bron
39c6add4ad57fbbdf4d07a52fd9b5c6a91ed840199ee4fc70d3d03b0f4fb1949

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (13)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12
  13. Bijlage

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. de Minister:

de Minister van Binnenlandse Zaken;

b. de Commissie:

de Commissie van de Europese Gemeenschappen;

c. operationeel programma:

operationeel programma opgesteld in het kader van het communautair initiatief URBAN voor de uitvoering waarvan de Commissie een bijdrage heeft verleend uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling onderscheidenlijk het Europees Sociaal Fonds.

Artikel 2

Ten behoeve van de uitvoering van de operationele programma’s van de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, verstrekt het Rijk een bijdrage van het in kolom A van de bij deze regeling behorende bijlage genoemde bedrag. Dit bedrag kan met toepassing van de artikelen 6 en 7 worden verminderd.

Artikel 3

Ten behoeve van de betaling van kosten in verband met de uitvoering van de operationele programma’s, alsmede ten behoeve van de uitvoering van aanvullende projecten in de wijken waarvoor de operationele programma’s zijn opgesteld, verstrekt het Rijk een bijdrage ter hoogte van het in kolom B van de bij deze regeling behorende bijlage genoemde bedrag.

Artikel 4

De gemeente ontvangt het bedrag van de in de artikelen 2 en 3 bedoelde bijdragen in drie gelijke, met ingang van het jaar 1996 te verstrekken jaarlijkse termijnen, met dien verstande dat de Minister daarbij rekening kan houden met de voortgang van de uitvoering van het operationeel programma.

Artikel 5

Het gemeentebestuur zendt een afschrift van de verslaglegging die over de uitvoering van het operationeel programma aan de Commissie wordt gezonden aan de Minister.

Artikel 6

Indien de Commissie een deel van de door haar verleende bijdrage van de Minister terugvordert omdat het gemeentebestuur een bedrag niet overeenkomstig het operationeel programma heeft besteed, vermindert de Minister de rijksbijdrage, bedoeld in artikel 2, met het teruggevorderde bedrag.

Artikel 7

Indien de Commissie de door haar verleende bijdrage vermindert omdat het gemeentebestuur het operationeel programma niet overeenkomstig de gestelde voorwaarden heeft gerealiseerd, vermindert de Minister de rijksbijdrage, bedoeld in artikel 2, met een zodanig bedrag dat het aandeel van de rijksbijdrage in het totaal van middelen die conform de voorwaarden van de Commissie aan de uitvoering van het operationele programma zijn besteed, blijft gehandhaafd.

Artikel 8

Het gemeentebestuur besteedt de bijdrage, bedoeld in artikel 3, aan de in dat artikel bedoelde kosten en projecten.

Artikel 9

1 Het gemeentebestuur brengt voor 1 juli 2002 verslag uit over de besteding van de bijdrage, bedoeld in artikel 3.

2 Het verslag behoort tot de rekening, bedoeld in artikel 197 van de Gemeentewet.

3 Het gemeentebestuur zendt het verslag aan de Minister, voorzien van de accountantsverklaring, bedoeld in artikel 213, tweede lid, van de Gemeentewet.

Artikel 10

De Minister kan de bijdrage, bedoeld in artikel 3, geheel of gedeeltelijk terugvorderen indien:

a. niet is voldaan aan de artikelen 8 en 9;

b. de bijdrage niet geheel is besteed.

Artikel 11

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bijdragen URBAN-programma’s.

Artikel 12

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Bijlage

Bijlage

Kolom A | Kolom B

Amsterdam | f 10.352.500 | f 6.543.750

Den Haag | f 9.532.500 | f 7.363.750

Rotterdam | f 9.942.500 | 3.161.250

Utrecht | f 8.039.075 | f 5.064.675