wetzoeker

Artikel 2 Instelling Commissie bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke handhaving

De commissie heeft tot taak:

1) onderzoek te laten verrichten naar de huidige bestuurspraktijk teneinde te achterhalen wat de factoren zijn die in de weg staan aan een adequaat toezicht en aan een duidelijke en consequente handhavingsreactie;

2) studie te doen naar de wijze waarop de bestuurlijke repressieve handhaving het beste kan worden georganiseerd, in het bijzonder of een zekere scheiding tussen uitvoering en toezicht enerzijds en sanctie-oplegging anderzijds, wenselijk is, en zo ja op welke wijze die scheiding gestalte moet worden gegeven en zo nee of de organisatie van de bestuursrechtelijke handhaving op andere wijze kan worden verbeterd;

3) studie te doen naar de vraag of de invoering van een preventieve rechterlijke toets een bijdrage levert aan een betere hantering van de instrumenten van bestuursdwang en dwangsom, en zo ja hoe zo’n toets is in te passen in het stelsel van bestuursrechtelijke handhaving en rechtsbescherming;

4) studie te doen naar de rol de het privaatrecht kan spelen in aanvulling op de bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhavingsinstrumenten van de overheid en de vraag of daartoe nadere wettelijke voorzieningen dienen te worden getroffen en zo ja of de wet restricties moet stellen aan het privaatrechtelijke overheidsoptreden, en

5) terzake deze onderwerpen waar de commissie dat nodig acht voorstellen te doen.

Regeling
Instelling Commissie bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke handhaving
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-02-1997
BWB-id
BWBR0008416
Versie
1997-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl