wetzoeker

Besluit toezicht en opsporing vervoer gevaarlijke stoffen

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2013
Rechtsgebied
Vervoersrecht
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0008295
Versie
2013-04-01_0
SHA-256 bron
72ed6fd22640d595e071de8e0a4d0c39e775b51f1c925cf0e26a0d4b4c58416c

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (9)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9

§ 1 — Toezicht op de naleving van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen

Artikel 1

Als ambtenaren in de zin van artikel 34, eerste lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen worden aangewezen de aan de de ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport die belast zijn met toezicht en opsporing.

§ 1 — Toezicht op de naleving van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen

Artikel 2

Als ambtenaren in de zin van artikel 34, tweede lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen worden aangewezen de commandant en de controleurs van het Korps militaire controleurs gevaarlijke stoffen.

§ 1 — Toezicht op de naleving van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen

Artikel 3

Als ambtenaren in de zin van artikel 34, derde lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen worden aangewezen:

a. de ambtenaren van de divisie Scheepvaart van de Inspectie Leefomgeving en Transport, voor zover het betreft:

1º het vervoer per zeeschip over de binnenwateren,

2º bouw, inrichting en uitrusting van schepen;

b. de ambtenaren van de rijksbelastingdienst, bevoegd inzake douane;

c. de controle-ambtenaren van de Keuringsdienst van Waren, voor zover het toezicht kan worden uitgeoefend in samenhang met de werkzaamheden waartoe zij inzake vuurwerk bevoegd zijn.

§ 2 — Opsporing

Artikel 4

Als ambtenaren, bedoeld in artikel 44, eerste lid, onderdeel a, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, worden aangewezen de in artikel 1 bedoelde ambtenaren, voor zover zij zijn beëdigd als buitengewoon opsporingsambtenaar.

§ 2 — Opsporing

Artikel 5

Als ambtenaren, bedoeld in artikel 44, eerste lid, onderdeel b, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, worden aangewezen de in artikel 2 bedoelde ambtenaren, voor zover zij zijn beëdigd als buitengewoon opsporingsambtenaar.

§ 2 — Opsporing

Artikel 6

Als ambtenaren, bedoeld in artikel 44, eerste lid, onderdeel c, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, worden aangewezen, voor zover zij zijn beëdigd als buitengewoon opsporingsambtenaar:

a. de ambtenaren bedoeld in artikel 3;

b. de ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport;

c. de aan de bij de divisie Havenmeester van Havenbedrijf Amsterdam N.V. verbonden inspecteurs gevaarlijke stoffen en milieu;

d. de medewerkers van de Divisie Havenmeester Rotterdam van Havenbedrijf Rotterdam N.V.

§ 3 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 7

Ingetrokken worden de beschikkingen van de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat van 16 januari 1980 (Stcrt. 25), van 17 maart 1980 (Stcrt. 67), en van 11 maart 1986 (Stcrt. 58), alsmede de regelingen van de Minister van Verkeer en Waterstaat van 18 juni 1991 (Stcrt. 119) en van 11 februari 1994 (Stcrt. 37), alle houdende aanwijzing van ambtenaren als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel e, van de Wet Gevaarlijke Stoffen.

§ 3 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

§ 3 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 9

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit toezicht en opsporing vervoer gevaarlijke stoffen.