wetzoeker

Derde tranche Algemene wet bestuursrecht

Wet van 20 juni 1996 tot aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht (Derde tranche Algemene wet bestuursrecht)

Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2001
Afkortingen
Awb-3
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Staats- en bestuursrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0008120
Versie
2001-01-01_0
SHA-256 bron
9fc2f305c600a7bb7eb27146ca44f81d0a10b1999658060a516a28ece2c5d6bf

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (6)
  1. ARTIKEL I
  2. ARTIKEL II
  3. ARTIKEL III
  4. ARTIKEL IV
  5. ARTIKEL V
  6. ARTIKEL VI

ARTIKEL I

Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.

ARTIKEL II

1 Indien een besluit voor de inwerkingtreding van deze wet ter goedkeuring is verzonden, blijven op de goedkeuring van dat besluit de bepalingen van toepassing die gelden op de dag waarop het besluit ter goedkeuring is verzonden.

2 Indien een besluit voor de inwerkingtreding van deze wet is geschorst, blijven op de schorsing de bepalingen van toepassing die gelden op de dag waarop het besluit tot schorsing is bekendgemaakt.

ARTIKEL III

1 Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op subsidies die voor de inwerkingtreding van deze wet zijn verleend of vastgesteld. Op deze subsidies is het recht van toepassing zoals dat gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.

2 Artikel 4:23, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is gedurende vier jaren na de inwerkingtreding van deze wet niet van toepassing op subsidies gelijksoortig aan die, welke door het betrokken bestuursorgaan reeds voor de inwerkingtreding van deze wet overeenkomstig bekendgemaakt beleid werden verstrekt.

3 Ten aanzien van subsidies als bedoeld in het tweede lid kan hetgeen ingevolge titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht bij wettelijk voorschrift kan of moet worden bepaald, bij beleidsregel worden bepaald.

4 Het in artikel 4:23, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde verslag heeft mede betrekking op subsidies die met toepassing van het tweede lid worden verstrekt.

ARTIKEL IV

1 Indien een beslissing tot toepassing van bestuursdwang voor de inwerkingtreding van deze wet is bekendgemaakt, blijven op de toepassing van bestuursdwang ten aanzien van de in die beslissing genoemde overtreding de bepalingen van toepassing die gelden op de dag waarop de beslissing is bekendgemaakt.

2 Indien een beschikking tot oplegging van een last onder dwangsom voor de inwerkingtreding van deze wet is bekendgemaakt, blijven daarop de bepalingen van toepassing die gelden op de dag waarop de beschikking is bekendgemaakt.

ARTIKEL V

Degene die volgens het recht zoals dat gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet bevoegd was een besluit te nemen of een andere handeling te verrichten, welke bevoegdheid na dat tijdstip als gevolg van deze wet, de Aanpassingswet derde tranche Awb I of de Aanpassingswet derde tranche Awb II niet meer door hem zou kunnen worden uitgeoefend, behoudt niettemin deze bevoegdheid totdat in overeenstemming met deze wet, de Aanpassingswet derde tranche Awb I of de Aanpassingswet derde tranche Awb II in de bevoegdheid is voorzien, doch niet langer dan dertien weken na het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.

ARTIKEL VI

1 De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

2 Bij koninklijk besluit kan een ander tijdstip worden vastgesteld, waarop deze wet in werking treedt voor de toepassing van:

a. de Wet op het basisonderwijs;

b. de Wet op het voortgezet onderwijs;

c. de Interimwet op het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs;

d. de Wet educatie en beroepsonderwijs;

e. de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

f. de Wet op de Nederlandse organisatie voor wetenschappelijk onderzoek;

g. de TNO-wet;

h. de Wet studiefinanciering 2000;

i. de Wet tegemoetkoming studiekosten;

j. de Les- en cursusgeldwet;

k. de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank;

l. de Leerplichtwet 1969.

3 Bij koninklijk besluit kan een ander tijdstip worden vastgesteld, waarop titel 4.2 van deze wet in werking treedt voor de toepassing van de Mediawet.