wetzoeker

Artikel 33 Oorlogswet voor Nederland

Buitengewone bevoegdheden

Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.

1 Het militair gezag is mede bevoegd de bijzondere last als bedoeld in de artikelen 139a, derde lid onder 3°, en 139b, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht te geven.

2 Het militair gezag is bevoegd van de wettelijke bepalingen omtrent het afluisteren, aftappen en opnemen van ander dan niet voor het publiek bestemd gespreksverkeer via telecommunicatienetwerken af te wijken, dan wel deze bij verordening voor zolang dat nodig is buiten werking te stellen en zelf ter zake een tijdelijke regeling te geven.

3 Zodra de militaire noodzaak is vervallen worden belanghebbenden van gebruik van de in het eerste en tweede lid gegeven bevoegdheden schriftelijk op de hoogte gesteld.

Regeling
Oorlogswet voor Nederland
Afkortingen
OWN
Soort
Wet
Geldend vanaf
17-02-1999
BWB-id
BWBR0007983
Versie
1999-02-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl