wetzoeker

Artikel 7 Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag

Buitengewone bevoegdheden

Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.

1 Onze Minister van Veiligheid en Justitie is bevoegd te voorzien in de uitoefening van de bevoegdheden van de commissaris van de Koning en de burgemeester die betrekking hebben op de handhaving van de openbare orde en veiligheid, door die uitoefening geheel of ten dele aan zich te trekken dan wel daarmee geheel of ten dele een ander orgaan van burgerlijk gezag te belasten.

2 Indien Onze voornoemde Minister van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, gebruik maakt, brengt hij dit terstond ter algemene kennis. Artikel 176, derde tot en met zesde lid, van de Gemeentewet blijft in dat geval buiten toepassing.

Regeling
Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag
Afkortingen
Wbbbg
Soort
Wet
Geldend vanaf
22-02-2021
BWB-id
BWBR0007982
Versie
2021-02-22_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl