wetzoeker

Algemene bepalingen Subsidieregelingen van de Stichting Fonds voor de Scheppende Toonkunst

1. Het bestuur verstrekt eenmaal per jaar, in de najaarsprocedure, honoreringen achteraf aan in het Nederlandse muziekleven geïntegreerde componisten, wier werken in ruime meerderheid ten behoeve van het Nederlandse muziekleven tot stand zijn gekomen.

2. Een honorering achteraf wordt aan een componist toegekend voor een werk dat zonder opdracht of andere vorm van subsidie door het Fonds of andere subsidiënt verstrekte uitkering tot stand is gekomen en niet langer geleden werd voltooid dan in het kalenderjaar direct voorafgaand aan het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend.

3. Aanvragen die betrekking hebben op muziekwerken voor film-, video-, dans- en theaterprodukties komen niet in aanmerking voor toekenning van uitkeringen uit de middelen van het Fonds, tenzij deze muziekwerken kunnen worden beschouwd als autonome werken die onafhankelijk van bovengenoemde produkties kunnen worden uitgevoerd.

4a. Indien de compositie in samenwerking met meerdere componisten tot stand is gekomen, wordt iedere componist in de gelegenheid gesteld voor zijn aandeel individueel een aanvraag in te dienen. Voorwaarde daarbij is dat eenieder aan de eisen voldoet die gelden voor de individueel werkende aanvrager.

b. Indien niet is aangegeven welk aandeel de aanvrager in het werk heeft gehad, wordt uitgegaan van een gelijk aandeel per componist.

Regeling
Subsidieregelingen van de Stichting Fonds voor de Scheppende Toonkunst
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
15-05-1996
BWB-id
BWBR0007829
Versie
1996-05-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl