wetzoeker

Artikel 8 Besluit verklaringhouders Scheepvaartverkeerswet

Verplichtingen van de verklaringhouder en controle

1 De houder van een verklaring meldt zich voor het binnenkomen van de scheepvaartweg waarvoor de verklaring is afgegeven als zodanig op het door de bevoegde autoriteit aangewezen marifoonkanaal en verstrekt de door de bevoegde autoriteit verlangde gegevens.

2 De houder van een verklaring heeft zijn verklaring bij zich tijdens de vaart als verkeersdeelnemer over de scheepvaartweg waarvoor deze is afgegeven.

3 De houder van een verklaring doet aan de regionale autoriteit mededeling van elke verandering van werkgever en van elke andere wijziging welke van invloed kan zijn op de geldigheid van de verklaring.

4 De houder van een verklaring vult van elke reis met een schip, waarvoor de verklaring wordt gebruikt een certificaat in, ondertekent dit en doet dit zo spoedig mogelijk na elke reis toekomen aan de regionale autoriteit die de verklaring heeft afgegeven. Onze Minister stelt het model van dit certificaat vast.

5 De houder van een verklaring doet in geval van een scheepsramp, waarbij hij direct of indirect betrokken is, zo spoedig mogelijk een schriftelijke verklaring inzake het gebeurde en zijn navigatiebeleid daarbij toekomen aan de regionale autoriteit van de regio waar de gebeurtenis heeft plaatsgevonden en verschaft desgevraagd aan deze nadere informatie. Deze verklaring en de nadere informatie mag slechts gebruikt worden voor leringsdoeleinden en mag in geen geval dienen als bewijs tegen de verklaringhouder in geval van vervolging.

Regeling
Besluit verklaringhouders Scheepvaartverkeerswet
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2014
BWB-id
BWBR0007513
Versie
2014-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl