wetzoeker

9 — Vertrouwensbeginsel Herziening besluit inzake overdracht van aandelen in het kader van een kasgeld- c.q. holdingconstructie

Vertrouwensbeginsel

De Hoge Raad heeft in het arrest BNB 1991/317*, bepaald dat aan het Besluit van 11 juni 1982, nr. 282-8411, V-N 1982, blz. 1337, niet het in rechte te honoreren vertrouwen kan worden ontleend dat kasgeldconstructies niet met het leerstuk van de wetsontduiking worden bestreden. Ten aanzien van het in punt 1 genoemde Besluit van 27 juni 1986, nr. 286-9356, Infobulletin 1986/378, heeft de Hoge Raad in de arresten BNB 1994/87c* en BNB 1994/91*, geoordeeld dat deze publikatie geen strijd met het rechtszekerheidsbeginsel oplevert. In het laatste arrest merkt de Hoge Raad tevens op dat het niet instellen van beroep in cassatie tegen de uitspraak van Hof Den Haag van 19 maart 1981, rolnr. 3/81, BNB 1982/139, evenmin het vertrouwen oplevert dat een kasgeldconstructie wordt behandeld als een verkoop van tot een aanmerkelijk behorende aandelen. Beroepen van belanghebbenden op het vertrouwensbeginsel als hiervóór omschreven, dienen dan ook te worden verworpen.

Regeling
Herziening besluit inzake overdracht van aandelen in het kader van een kasgeld- c.q. holdingconstructie
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
14-08-1995
BWB-id
BWBR0007507
Versie
1995-08-14_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl