wetzoeker

3.6 — Fiscale aspecten Nevenfunctie-circulaire 1995

Fiscale aspecten

De vergoeding voor werkzaamheden verricht in q.q.-nevenfuncties naast het ambt van commissaris/gedeputeerde dient, na ontvangst, in de provinciale kas te worden gestort. Een voor het vervullen van een q.q.-nevenfunctie ontvangen vergoeding voor werkzaamheden wordt op grond van de fiscale wetgeving aangemerkt als inkomsten uit die nevenfunctie en behoort als zodanig tot het belastbare inkomen. De verplichte storting in de provinciale kas vormt evenwel een op de inkomsten uit de hoofdfunctie (het ambt van commissaris/gedeputeerde) rustende last, welke tot het bedrag dat feitelijk in de provinciale kas is gestort in aanmerking kan worden genomen als aftrekbare kosten. Als het in de provinciale kas gestorte bedrag gelijk is aan het bedrag dat als inkomen in aanmerking wordt genomen is het resultaat dat per saldo over het desbetreffende inkomensbestanddeel geen belasting wordt geheven. Als een vergoeding voor werkzaamheden in een q.q.-nevenfunctie niet aan de commissaris of gedeputeerde wordt uitbetaald, maar rechtstreeks door de instantie in de provinciale kas wordt gestort, is het toch mogelijk – de feiten en omstandigheden van het concrete geval zijn in deze bepalend – dat de vergoeding voor de belastingheffing tot het inkomen van de commissaris of gedeputeerde behoort. Is dat het geval dan staat ook daar een aftrekpost in de sfeer van de aftrekbare kosten tegenover.

Regeling
Nevenfunctie-circulaire 1995
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
16-03-1995
BWB-id
BWBR0007269
Versie
1995-03-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl