wetzoeker

Commissarissen van de Koningin Nevenfunctie-circulaire 1995

Artikel 65, vijfde lid

5. De commissaris geniet geen vergoedingen, in welke vorm ook, voor werkzaamhedem, verricht in nevenfuncties welke hij vervult uit hoofde van zijn ambt, ongeacht of die vergoedingen ten laste van de provincie komen of niet. Indien deze vergoedingen worden uitgekeerd, worden zij gestort in de provinciale kas.

Artikel 66

1. De commissaris vervult geen nevenfuncties waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op de goede vervulling van het ambt van commissaris of op de handhaving van zijn onpartijdigheid en onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin.

2. De commissaris meldt zijn voornemen tot aanvaarding van een nevenfunctie, anders dan uit hoofde van het ambt van commissaris, aan provinciale staten.

3. De commissaris maakt openbaar welke nevenfuncties hij, anders dan uit hoofde van het ambt van commissaris vervult.

Artikel 284

Artikel 43, vijfde lid, en artikel 65, vijfde lid, treden in werking op de dag van het eerste periodieke aftreden van de leden van gedeputeerde staten na de inwerkingtreding van deze wet.

Regeling
Nevenfunctie-circulaire 1995
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
16-03-1995
BWB-id
BWBR0007269
Versie
1995-03-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl