wetzoeker

Artikel 25 Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar

De instructie

1 De buitengewoon opsporingsambtenaar beperkt de opsporingshandelingen waartoe hij bevoegd is, tot hetgeen nodig is voor een juiste vervulling van de functie in verband waarmee hij tot buitengewoon opsporingsambtenaar is beëdigd. Hij onthoudt zich van elk optreden waartoe hij niet bevoegd is.

2 De buitengewoon opsporingsambtenaar gedraagt zich bij de uitoefening van zijn opsporingsbevoegdheden overeenkomstig de bij of krachtens de wet gegeven regels.

3 Indien hij bevoegd is politiebevoegdheden uit te oefenen, gedraagt hij zich overeenkomstig artikel 7, eerste tot en met vierde en zevende lid, van de Politiewet 2012 en de op hem van toepassing zijnde bepalingen uit de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren.

Regeling
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar
Afkortingen
BBO, Bboa
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2022
BWB-id
BWBR0007013
Versie
2022-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl