wetzoeker

Artikel 3 Besluit administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften

De bevoegde ambtenaren en de bevoegdheid tot het opleggen van de administratieve sanctie

1 De hoofdofficier van justitie kan bepalen dat naar zijn oordeel de taakvervulling van een bevoegde ambtenaar vordert dat tot nader bericht die ambtenaar geen gebruik zal maken van de verleende bevoegdheid tot het opleggen van een administratieve sanctie.

Alvorens de beschikking, bedoeld in de eerste volzin, te geven, hoort de hoofdofficier van justitie de betrokken korpschef.

2 De korpschef draagt zorg voor de uitvoering van de beschikking. De hoofdofficier van justitie geeft zijn nader bericht slechts na hernieuwd overleg. Het eerste lid, tweede volzin, is van overeenkomstige toepassing.

3 Van de beschikking die betrekking heeft op een ambtenaar als bedoeld in artikel 2, tweede lid, wordt een afschrift gezonden aan de direct toezichthouder. Indien de hoofdofficier van justitie niet tevens de toezichthouder van de ambtenaar is, wordt tevens een afschrift gezonden aan de toezichthouder.

Regeling
Besluit administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Afkortingen
BAHV
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2018
BWB-id
BWBR0006847
Versie
2018-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl