wetzoeker

Artikel 3 Wet verevening pensioenrechten bij scheiding

1 Het deel bedoeld in artikel 2, tweede lid, bedraagt de helft van het pensioen dat zou moeten worden uitbetaald indien:

a. de tot verevening verplichte echtgenoot uitsluitend gedurende de deelnemingsjaren tussen de huwelijkssluiting en het tijdstip van scheiding zou hebben deelgenomen;

b. hij op het tijdstip van scheiding de deelneming beëindigd zou hebben; en

c. hij tijdens de periode dat hij recht op pensioen heeft gehuwd of geregistreerd zou zijn.

2 Indien het pensioen voor of na ingang daarvan wordt verhoogd of verlaagd, wordt het bedrag dat voortvloeit uit het eerste lid verhoogd of verlaagd met een evenredig deel van de verhoging of verlaging van het pensioen.

3 Een pensioen wordt niet verevend, indien op het tijdstip van scheiding het deel van dat pensioen, waarop recht op uitbetaling ontstaat, het in artikel 66, eerste lid, van de Pensioenwet genoemde bedrag niet te boven gaat.

Regeling
Wet verevening pensioenrechten bij scheiding
Afkortingen
Wet vps, Wvps
Soort
Wet
Geldend vanaf
10-07-2021
BWB-id
BWBR0006641
Versie
2021-07-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl