wetzoeker

Artikel 23c Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren

Het gebruik van handboeien en blinddoeken ten behoeve van het ordelijk verloop van een aanhouding

1 Ten behoeve van een aanhouding en het vervoer kan de ambtenaar die behoort tot een aanhoudings- en ondersteuningsteam of tot een bijstandseenheid als bedoeld in artikel 59 van de Politiewet 2012 een persoon die rechtens van zijn vrijheid is beroofd en aan wie op grond van artikel 22 handboeien zijn aangelegd, blinddoeken indien op grond van de feiten of omstandigheden redelijkerwijs gevaar valt te vrezen voor:

a. ontvluchting, of

b. de veiligheid van de persoon die rechtens van zijn vrijheid is beroofd, van de ambtenaar of van derden.

2 Indien op grond van de feiten of omstandigheden van het geval redelijkerwijs gevaar voor ontvluchting van de persoon die rechtens van zijn vrijheid is beroofd of gevaar voor de veiligheid van de persoon, van de ambtenaar of van derden, valt te vrezen, kan de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, een andere dan de aan te houden persoon handboeien aanleggen.

3 Artikel 23 is van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren
Afkortingen
AI, Ambtsinstr.
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0006589
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl