wetzoeker

Artikel 8 Besluit particuliere participatiemaatschappijen

Erkenning van de particuliere participatiemaatschappij

1 De bank beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag, indien op grond van de deskundigheid, de voornemens of de antecedenten van een of meer personen die het beleid van de aanvrager bepalen of medebepalen de vrees bestaat, dat het goed functioneren van de aanvrager als particuliere participatiemaatschappij onvoldoende gewaarborgd is.

2 De bank kan afwijzend beslissen op een aanvraag:

a. indien niet is voldaan aan een verzoek als bedoeld in artikel 6 of aan een verzoek als bedoeld in artikel 6 van de Kaderwet verstrekking financiële middelen EZ;

b. indien de aanvrager in het kader van de aanvraag gegevens heeft verstrekt, waarvan hij wist of behoorde te weten dat deze onjuist of onvolledig waren en deze verstrekking tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid.

Regeling
Besluit particuliere participatiemaatschappijen
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-07-2009
BWB-id
BWBR0006526
Versie
2009-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl