wetzoeker

Artikel 4 Wet privatisering Spoorwegpensioenfonds

Overgang vermogen Spoorwegpensioenfonds

1 De Stichting Spoorwegpensioenfonds is aan de Staat der Nederlanden een bedrag verschuldigd ter grootte van het gereserveerde vermogen dat bestemd is voor de aanspraken voortvloeiende uit reeds ingegane invaliditeitspensioenen op grond van de Spoorwegpensioenwet op de dag voorafgaande aan de inwerkingtreding van deze wet, voorzover die aanspraken het niveau van overeenkomstige aanspraken op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering niet te boven gaan.

2 Het vermogen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van de opgebouwde rechten, waarvan het bedrag wordt vastgesteld door een door Onze Minister aangewezen accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek alsmede een door Onze Minister aangewezen actuaris.

Regeling
Wet privatisering Spoorwegpensioenfonds
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2015
BWB-id
BWBR0006319
Versie
2015-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl