wetzoeker

Regeling afgifte certificaten Nederlandse Federatie Cinematografie

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
28-02-1993
Rechtsgebied
Cultureel recht
Ministerie
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
BWB-id
BWBR0005882
Versie
1993-02-28_0
SHA-256 bron
269c8b713a610133d593be9b8f6a56bb73fec8ed2ad6d8094d71a5ad972adb80

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (4)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4

Artikel 1

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

richtlijn:

de richtlijn van de Raad van Europese Gemeenschappen van 15 oktober 1963 (63/607/EEG);

N.F.C.:

de Nederlandse Federatie voor Cinematografie;

de minister:

de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur.

Artikel 2

1 De N.F.C. is bevoegd namens de minister certificaten als bedoeld in artikel 11 van de richtlijn af te geven. De N.F.C. past daarbij de in de artikelen 3 en 4 van de richtlijn neergelegde regels toe en kan daarbij gebruik maken van de in de slot-alinea van artikel 3 van de richtlijn genoemde bevoegdheden.

2 De N.F.C. is gehouden bij de uitoefening van de in het eerste lid genoemde bevoegdheden aanwijzingen op te volgen die door of vanwege de minister worden gegeven.

3 De N.F.C. verstrekt aan de door de minister aangewezen ambtenaren alle bescheiden en inlichtingen die deze ambtenaren noodzakelijk achten voor een juiste invulling van hun taak.

Artikel 3

1 Degene die door een besluit van de N.F.C., genomen in het kader van de in artikel 2 genoemde bevoegdheid, rechtstreeks in zijn belang is getroffen, kan daartegen bezwaar maken bij de minister.

2 Indien de minister een bezwaar geheel of gedeeltelijk gegrond acht, kan hij zelf in de zaak voorzien, danwel een aanwijzing ter zake geven aan de N.F.C.

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.