wetzoeker

Artikel 7 Regeling leningen huurwoonwagens ten behoeve van toegelaten instellingen

1 De gemeente betaalt het Rijk jaarlijks rente en aflossing volgens het systeem van gelijkblijvende annuïteiten, berekend met inachtneming van de looptijd van de lening, voor het eerst nadat een jaar van de looptijd van de lening is verstreken en vervolgens telkens een jaar nadien.

2 De gemeente kan de lening geheel of gedeeltelijk vervroegd aflossen:

a. op de tijdstippen dat betaling van de jaarlijks verschuldigde rente en aflossing plaatsvindt, en voor het eerst nadat tien jaren van de looptijd van de lening zijn verstreken; en

b. indien de gemeente de minister ten minste twee maanden voor het tijdstip, bedoeld in onderdeel a, in kennis heeft gesteld van het voornemen vervroegd af te lossen, onder opgave van het te betalen bedrag.

3 Een vervroegd te betalen bedrag aan aflossing bedraagt ten minste f 10.000.

Regeling
Regeling leningen huurwoonwagens ten behoeve van toegelaten instellingen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-1993
BWB-id
BWBR0005692
Versie
1993-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl