wetzoeker

Artikel 5.10 Wet luchtvaart

Luchtverkeer

1 Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan bij ministeriële regeling het uitoefenen van het burgerluchtverkeer tijdelijk of blijvend beperken of verbieden boven Nederland of gedeelten daarvan:

a. om redenen van openbare orde en veiligheid;

b. om andere dringende redenen, waarbij het uitoefenen van de luchtvaart en omstandigheden of gebeurtenissen op het aardoppervlak elkaar kunnen beïnvloeden;

2 Onze Minister van Defensie kan bij ministeriële regeling het uitoefenen van het burgerluchtverkeer beperken of verbieden om reden van militaire noodzaak.

3 Op voordracht van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, worden bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld met betrekking tot het uitoefenen van het burgerluchtverkeer boven gebieden aangewezen overeenkomstig artikel 2.24, eerste lid, in samenhang met artikel 2.27, aanhef en onder c, van de Omgevingswet.

4 Van de regelingen krachtens het eerste en tweede lid wordt mededeling gedaan via de luchtvaartpublicaties bedoeld in artikel 5.23, eerste lid, onderdeel c, en voor zover nodig via de verlener van luchtverkeersdiensten aan de betrokken gezagvoerder.

5 Het is verboden aan het luchtverkeer deel te nemen in strijd met het bepaalde krachtens het eerste, tweede en derde lid van dit artikel.

Regeling
Wet luchtvaart
Afkortingen
WLV
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0005555
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl