wetzoeker

Artikel 344 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Verplichtingen van de verpachter

1 Wanneer tegen de pachter door een derde een vordering wordt ingesteld tot uitwinning of tot verlening van een recht waarmee het verpachte ingevolge de pachtovereenkomst niet belast had mogen zijn, is de verpachter na kennisgeving daarvan door de pachter gehouden in het geding te komen ten einde de belangen van de pachter te verdedigen.

2 De verpachter moet aan de pachter alle door deze vordering ontstane kosten vergoeden, doch, als de kennisgeving niet onverwijld is geschied, alleen de na de kennisgeving ontstane kosten.

3 Wanneer tegen de onderpachter een vordering betreffende het ondergepachte wordt ingesteld door de hoofdverpachter, zijn de voorgaande leden van overeenkomstige toepassing op de onderverpachter.

Regeling
Burgerlijk Wetboek Boek 7
Afkortingen
BW, BW Boek 7, BW7
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0005290
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl