wetzoeker

Artikel 422 Burgerlijk Wetboek Boek 8

Overeenkomst van goederenvervoer over zee

1 Voor zover de vervoerder verplicht is tot laden, is hij gehouden zulks in de overeengekomen laadtijd te doen.

2 Voor zover de afzender verplicht is tot laden of stuwen, staat hij er voor in dat zulks in de overeengekomen laadtijd geschiedt.

3 Werd geen laadtijd vastgesteld, dan behoort de inlading te geschieden zo snel als ter plekke voor een schip als het betrokken schip gebruikelijk of redelijk is.

4 Bepaalt de vervoerovereenkomst overliggeld, doch niet de overligtijd, dan wordt deze tijd vastgesteld op acht opeenvolgende etmalen of, als op de ligplek een ander aantal redelijk of gebruikelijk is, op dit aantal.

5 De wettelijke bepalingen omtrent boetebedingen zijn niet van toepassing op bedingen met betrekking tot overliggeld.

6 Schuldenaren van overliggeld en een mogelijkerwijs uit hoofde van het tweede lid verschuldigde schadevergoeding zijn tot betaling daarvan hoofdelijk verbonden.

Regeling
Burgerlijk Wetboek Boek 8
Afkortingen
BW, BW Boek 8, BW8
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0005034
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl