wetzoeker

Artikel 1304 Burgerlijk Wetboek Boek 8

Rechten op luchtvaartuigen

1 De teboekstelling wordt slechts doorgehaald

a. op verzoek van degene die in de openbare registers als eigenaar vermeld staat;

b. op aangifte van de eigenaar of ambtshalve

1°. als het luchtvaartuig heeft opgehouden als zodanig te bestaan;

2°. als van het luchtvaartuig gedurende twee maanden na het laatste vertrek geen tijding is ontvangen, zonder dat dit aan een algemene storing in de berichtgeving kan worden geweten;

3°. als het luchtvaartuig niet of niet meer de hoedanigheid van Nederlands luchtvaartuig heeft;

4°. als het luchtvaartuig, na een executie in een Verdragsstaat buiten Nederland, welke plaatsvond overeenkomstig het Verdrag van Genève, in een verdragsregister teboekstaat.

2 In de in het eerste lid, onder b, genoemde gevallen is de eigenaar van het luchtvaartuig tot het doen van aangifte verplicht binnen drie maanden nadat de reden tot doorhaling zich heeft voorgedaan.

3 Wanneer ten aanzien van het luchtvaartuig inschrijvingen of voorlopige aantekeningen ten gunste van derden bestaan, geschiedt, behalve in het geval, genoemd in het eerste lid, onderdeel b, onder 4°, doorhaling slechts wanneer geen dezer derden zich daartegen verzet.

4 Doorhaling geschiedt slechts na op verzoek van de meest gerede partij verleende machtiging van de rechter.

Regeling
Burgerlijk Wetboek Boek 8
Afkortingen
BW, BW Boek 8, BW8
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0005034
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl