wetzoeker

Artikel 284 Vissersvaartuigenbesluit

Hulpmiddelen bij de navigatie

1 Met uitzondering van vaartuigen die een door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie vast te stellen beperkt gebied bevaren, moet aan boord van elk vaartuig een log aanwezig zijn.

2 Aan boord van een vaartuig waarvan de lengte 45 m of meer bedraagt en dat is gebouwd op of na 1 september 1984 moet de log de vaart en verheid aangeven.

3 Aan boord van een vaartuig dat is uitgerust met automatische radar-plot-apparatuur, dient de log de vaart en de verheid door het water te kunnen aangeven.

4 De log moet van een goedgekeurd type zijn en voldoen aan de door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie nader te stellen regels.

Regeling
Vissersvaartuigenbesluit
Soort
KB
Geldend vanaf
01-01-2017
BWB-id
BWBR0004607
Versie
2017-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl