wetzoeker

Artikel 1 Aanpassing wetgeving inzake gemeenschappelijke bepalingen voor hef- en verladingsapparatuur SZW – Uitvoering EEG-richtlijnen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. ‘Richtlijn’: de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 september 1984 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lid-staten inzake gemeenschappelijke bepalingen voor hef- en verladingsapparatuur (84/528/EEG, PbEG L 300/72);

b. ‘bijzondere Richtlijn’: de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 september 1984 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lid-staten inzake liften met elektrische aandrijving (84/529/EEG, PbEG L 300/86);

c. ‘Liftonderdelen’: de in bijlage II van de bijzondere Richtlijn genoemde onderdelen voor liften met elektrische aandrijving als bedoeld in artikel 1 van die Richtlijn;

d. ‘EEG-typeonderzoek’ en ‘EEG-controle’: hetgeen de Richtlijn en de bijzondere Richtlijn daaronder verstaan;

e. ‘het Liftinstituut’: De Stichting Nederlands Instituut voor Lifttechniek (Liftinstituut), genoemd in artikel 2.

Regeling
Aanpassing wetgeving inzake gemeenschappelijke bepalingen voor hef- en verladingsapparatuur SZW – Uitvoering EEG-richtlijnen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
03-04-1999
BWB-id
BWBR0004166
Versie
1999-04-03_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl