wetzoeker

Artikel 16 Besluit op de erkende onderwijsinstellingen

Examens

1 Het bevoegd gezag van de instelling benoemt de examencommissie ten minste vier maanden voor de aanvang van het examen.

2 De examencommissie bestaat voor het merendeel uit deskundigen wier belangen niet vermengd zijn met die van de instelling.

3 De voorzitter van de examencommissie is een deskundige wiens belangen niet vermengd zijn met die van de instelling. Onze Minister kan goedkeuren dat wordt afgeweken van het bepaalde in dit lid.

4 Een deskundige is hij die een ruime ervaring bezit op het gebied van het afnemen van examens of kennis bezit op het gebied van de te examineren leerstof dan wel onderdelen daarvan.

5 Het bevoegd gezag van de instelling meldt de samenstelling van de examencommissie alsmede welke leden van de commissie belangen hebben die vermengd zijn met die van de instelling, tenminste twee weken na de samenstelling van deze commissie aan Onze Minister en de inspectie.

6 De examencommissie kan zich doen bijstaan door examinatoren, beoordelaars en toezichthouders. De examinatoren en beoordelaars dienen voor het merendeel deskundigen te zijn in de zin van het vierde lid.

Regeling
Besluit op de erkende onderwijsinstellingen
Soort
AMvB
Geldend vanaf
06-01-2014
BWB-id
BWBR0004019
Versie
2014-01-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl