wetzoeker

Artikel 8.08 Binnenvaartpolitiereglement

Aanvullende bepalingen

1 Een persoon die zwemt dan wel die op andere wijze watersport bedrijft zonder gebruik te maken van een schip moet voldoende afstand houden van een varend schip of een varend drijvend voorwerp dan wel van een drijvend werktuig in bedrijf.

2 Zwemmen, watersport zonder gebruik te maken van een schip en onderwatersport zijn verboden:

a. op een wachtplaats of in de onmiddellijke nabijheid van een brug, een sluis of een stuw;

b. in gedeelten van de vaarweg bestemd voor de doorgaande scheepvaart;

c. in routes van veerponten;

d. in havens en nabij de ingangen daarvan;

e. in de nabijheid van meergelegenheden;

f. in gebieden aangewezen voor snelvaren of waterskiën;

g. in de door de bevoegde autoriteit aangewezen gebieden.

3 De bevoegde autoriteit kan vrijstelling of ontheffing verlenen van het tweede lid. Aan de vrijstelling of ontheffingen kunnen voorschriften worden verbonden.

Regeling
Binnenvaartpolitiereglement
Afkortingen
BPR
Soort
KB
Geldend vanaf
17-06-2026
BWB-id
BWBR0003628
Versie
2026-06-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl