wetzoeker

Artikel 3.16 Binnenvaartpolitiereglement

Tekens tijdens het varen

1 Een niet-vrijvarende veerpont moet des nachts voeren:

a. een wit helder rondom schijnend licht op een hoogte van tenminste 5 m. Deze hoogte mag echter worden verminderd, indien de lengte van de pont 15 m niet overschrijdt;

b. een groen helder rondom schijnend licht ongeveer 1 m boven het onder a bedoelde licht.

2 De het meest bovenstrooms gelegen ankerschuit of drijver van een veerpont aan een langskabel moet des nachts zijn voorzien van een wit helder rondom schijnend licht, tenminste 3 m boven het wateroppervlak.

3 Een vrijvarende veerpont moet des nachts voeren:

a. een wit helder rondom schijnend licht, bedoeld in het eerste lid, onder a;

b. een groen helder rondom schijnend licht, bedoeld in het eerste lid, onder b, en,

c. boordlichten en een heklicht. Deze lichten moeten voldoen aan artikel 3.08, eerste lid, onder b en c.

Regeling
Binnenvaartpolitiereglement
Afkortingen
BPR
Soort
KB
Geldend vanaf
17-06-2026
BWB-id
BWBR0003628
Versie
2026-06-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl