wetzoeker

Artikel 1.08 Binnenvaartpolitiereglement

Algemene bepalingen

1 De bemanningsleden en de andere personen aan boord van een schip bestemd voor bedrijfsmatig vervoer als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Binnenvaartwet, moeten reddingsvesten dragen overeenkomstig artikel 13.08, tweede en derde lid, ES-TRIN

a. bij het van of aan boord gaan, voor zover er gevaar voor in het water vallen bestaat,

b. bij het verblijven in de bijboot,

c. bij werkzaamheden buiten boord, dan wel

d. bij verblijf en werkzaamheden aan dek en in het gangboord, indien verschansingen van ten minste 90 cm hoogte niet aanwezig zijn of relingen niet doorlopend zijn geplaatst.

2 Werkzaamheden buiten boord mogen uitsluitend bij stilliggende schepen worden uitgevoerd en uitsluitend indien van de overige scheepvaart geen gevaar te verwachten valt.

Regeling
Binnenvaartpolitiereglement
Afkortingen
BPR
Soort
KB
Geldend vanaf
17-06-2026
BWB-id
BWBR0003628
Versie
2026-06-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl