wetzoeker

Artikel 19 Beschikking grondbankstelsel

Regelen met betrekking tot de uitgifte in geval van vergroting van de bedrijfsoppervlakte

1 De som van de oppervlakte van de in erfpacht uit te geven percelen grond en van de bedrijfsoppervlakte op het tijdstip van het indienen van de aanvrage dient te zijn:

a. ten minste 40 ha en ten hoogste 60 ha voor een akkerbouwbedrijf;

b. ten minste 25 ha en ten hoogste 40 ha voor elk ander bedrijf.

2 Indien de aanvrager de dertigjarige leeftijd nog niet heeft overschreden, dient in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, de minimale bedrijfsoppervlakte na uitgifte te zijn:

a. 32 ha voor een akkerbouwbedrijf;

b. 20 ha voor elk ander bedrijf;

c. 17,5 ha voor een bedrijf, waarop de intensieve veehouderij wordt uitgeoefend en waarvan de bedrijfsomvang van de intensieve veehouderij ten minste 40 s.b.e. bedraagt.

3 Onder intensieve veehouderij als bedoeld in het tweede lid, onder c, wordt verstaan het in daartoe bestemde bedrijfsgebouwen houden van:

- mestkalveren;

- stieren, daaronder begrepen ossen, voor de mesterij, jonger dan 24 maanden en niet zijnde mestkalveren;

- mestvarkens;

- fokvarkens;

- slachtkuikens;

- leghennen;

- kalkoenen.

Regeling
Beschikking grondbankstelsel
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
21-10-2007
BWB-id
BWBR0003559
Versie
2007-10-21_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl