wetzoeker

Artikel 10 Wet vervoer over zee

Ladingverdeling

1 In overeenstemming met Onze Ministers van Buitenlandse Zaken en van Economische Zaken kan Onze Minister, indien naar zijn oordeel:

1°. er een ernstige verstoring van de zeevervoermarkt bestaat of dreigt of

2°. zulks ten behoeve van de uitvoering van een internationale afspraak of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie betrekking hebbende op het vervoer ter zee wenselijk is,

a. regels stellen omtrent de ladingverdeling van het zeevervoer van Nederlandse havens naar havens van een bepaald land of van een bepaalde groep landen en van het zeevervoer van havens van een bepaald land of een bepaalde groep van landen naar Nederlandse havens;

b. bepalen dat iedere scheepvaartonderneming die aan het onder a. omschreven vervoer deelneemt alleen vervoerdiensten van of naar Nederlandse havens mag aanbieden met inachtneming van een maximum of minimum aantal afvaarten per jaar;

c. voor ieder schip van een scheepvaartonderneming die aan het onder a. omschreven vervoer deelneemt een maximum of minimum vervoercapaciteit vaststellen;

d. voor iedere scheepvaartonderneming, die aan het onder a. omschreven vervoer deelneemt, het in te zetten scheepstype voorschrijven.

2 Krachtens het eerste lid vastgestelde besluiten kunnen beperkt zijn tot een bepaalde categorie van het zeevervoer of tot het vervoer van bepaalde goederen.

3 Gedragingen die strekken tot het niet naleven of niet doen naleven van het krachtens het eerste lid bepaalde zijn verboden.

Regeling
Wet vervoer over zee
Afkortingen
WVZ
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-05-2016
BWB-id
BWBR0003528
Versie
2016-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl